29-MRT-2025 - Op de drukste Schelpenteldag ooit wisten strandbezoekers samen maar liefst 84.891 schelpen op naam te brengen voor de wetenschap. Speciale aandacht ging dit jaar uit naar de verspreiding van linker- en rechterkleppen op de stranden. Dit heeft waardevolle inzichten gebracht over dit vreemde link/rechts-fenomeen.

Op meer stranden dan ooit, met meer deelnemende organisaties dan ooit én met zowaar behoorlijk goed strandweer voor de tijd van het jaar, was van tevoren al duidelijk dat het de meest succesvolle Schelpenteldag ooit zou worden. Zo'n tweeduizend mensen hielpen mee: ze verzamelden honderd schelpen en brachten die met behulp van de experts op een 'Schelpdesk' vervolgens op naam.

De samenstelling van de schelpensoorten geeft informatie over het leven in de zee. Er zitten verschillen tussen stranden en – dat verwachten wetenschappers tenminste – tussen verschillende jaren. De gevolgen van opwarmend zeewater of de aanleg van windmolens zie je dan terug in de schelpen op het strand. 

Strandschelp

In 2025 werden er meer schelpen geteld dan ooit: 84.891 stuks. Ten opzichte van de net geen vijftigduizend van vorig jaar een flinke toename. De meest getelde soorten zijn de strandschelp (Spisula subtruncata en Spisula elliptica), de kokkel en de zwaardschede. Op de Hollandse kust is de halfgeknotte strandschelp het meest algemeen, op de stranden van Zeeland en de Wadden is dat de kokkel. De ovale strandschelp domineert rond het Marsdiep, en de Amerikaanse Zwaardschede spoelde massaal aan op Schiermonnikoog.

Mede-initiatiefnemer prof. dr. Frank Wesselingh van Naturalis en de Universiteit Maastricht blikt trots terug op de teldag: "Na deze vierde Nederlandse editie beginnen we langzaam maar zeker een mooie consistente telreeks te krijgen, waarmee we de schelpensamenstelling van het strand kunnen volgen. Gecombineerd met de cijfers uit België en Frankrijk geven de schelpen op 400 kilometer strand ons zo een goede blik op het veranderende leven voor de Noordzeekust."

In België ging de Grote Schelpenteldag alweer de achtste editie in, en ook daar was de opkomst hoog. Ook in Noord-Frankrijk werd geteld: van Schiermonnikoog tot aan Leffrinckoucke telden de deelnemers samen 148.343 schelpen, van 72 verschillende soorten.

Zaagjes

Dit jaar hebben we in detail onderzoek gedaan naar de verspreiding van linker- en rechterkleppen op de stranden. Daarvoor hebben we zaagjes gebruikt (Donax vittatus). Onderzoek uit de jaren ’60 gaf aan dat zeestromingen (vooral bij zeegaten zoals het Marsdiep of de Oosterschelde) heel effectief zijn in het sorteren van kleppen – net zoals op sommige stranden alleen linker- of rechterschoenen aanspoelen. Linkerkleppen liggen vooral op stranden ten zuiden van een zeegat, en rechterkleppen ten noorden daarvan. Enkele jaren terug hebben onze Vlaamse collega’s tijdens een schelpenteldag een vergelijkbaar fenomeen gevonden aan de gesloten Vlaamse kust op een plek waar duizend jaar geleden nog een zeegat lag dat nu niet meer zichtbaar is. Een verdwenen zeegat, verraden door linker en rechterkleppen.

Zaagje (Donax vittatus)

In totaal hebben we dit jaar 4.173 linkerkleppen en 3.835 rechterkleppen geteld. Dat is bijna een gelijke verhouding (52 om 48 procent). Maar de verhoudingen op de verschillende stranden liepen enorm uiteen. Op Ouddorp troffen de tellers 72 procent linkerkleppen aan, en op de oostkant van Ameland 71 procent rechterkleppen. We hebben helaas geen verdwenen zeegat kunnen terugvinden in onze data, zoals de Vlamingen dat eerder wel hebben gedaan. Maar we hebben wel waardevolle inzichten om in de toekomst in detail verder naar de verspreiding van het vreemde link/rechts-fenomeen te kunnen kijken.

Meer informatie

  • De echte liefhebbers kunnen voor de resultaten terecht op de website van de Schelpenteldag. Hier vind je ook een spreadsheet met alle schelpen per strand.

Tekst: Naturalis Biodiversity Center
Beeld: Taco van der Eb